Oproep aan voedselbanken: niet sussen, maar wakker schudden! Afdrukken E-mail
dinsdag 24 juni 2008

 

Voedselbanken schieten hun doel voorbij wanneer ze mensen toestaan langere tijd onafgebroken gebruik te maken van hun diensten. De voedselbank werkt dan averechts, armoede wordt niet bestreden, maar juist in stand gehouden. Van overheidswege wordt nu aangestuurd op structurele samenwerking tussen voedselbanken, gemeenten en welzijnswerk. In dit kader heeft op 6 juni 2008 een startconferentie plaatsgevonden georganiseerd door staatssecretaris Aboutaleb. Op 3 november 2008 volgt een landelijke conferentie waarop concrete plannen onthuld worden om verdere samenwerking vorm te geven.
Dit artikel beschouwt het fenomeen voedselbank vanuit het perspectief van de schuldhulpverlening, plaatst kritische kanttekeningen, maar stelt ook vast dat er altijd noodzaak zal blijven bestaan voor voedselbanken.

 

Fantastisch initiatief


Voedselbanken stellen zich ten doel armoede en verspilling te bestrijden. Deze organisaties hebben het initiatief genomen 2 excessen van onze overspannen consumptiemaatschappij met elkaar in verband te brengen. In de Nederlandse levensmiddelenhandel wordt dagelijks voedsel weggegooid. Dit is schrijnend als moet worden vastgesteld dat er tegelijkertijd ook mensen zijn die te weinig geld overhouden om voldoende eten te kopen. Tegen deze achtergrond bezien is het een fantastisch initiatief om producenten te vragen de te vernietigen levensmiddelen beschikbaar te stellen zodat deze gratis uitgedeeld kunnen worden aan de minderbedeelden. Ruim 6 jaar geleden werd de eerste voedselbank in Nederland opgericht in Rotterdam. Inmiddels zijn er voedselbanken verspreid over het hele land en maken ruim 13.000 gezinnen er gebruik van. Hieruit kan opgemaakt worden dat de voedselbanken voorzien in een behoefte.

 

Beschermende wetgeving


Dat voedselbanken als paddenstoelen uit de grond schieten lijkt niet te passen in de Nederlandse verzorgingsstaat. Is er niet voor elk probleem een sociaal vangnet ontworpen? Vanuit het perspectief van een schuldhulpverlener is het nog vreemder te moeten vaststellen dat de meerderheid van degenen die aankloppen bij voedselbanken dit doen vanwege schuldenproblematiek. De Nederlandse wet voorziet immers in art. 475d Rv. in de bescherming van de eerste levensbehoefte van mensen die in aan hun schuldeisers moeten betalen. Schuldenaren mogen van het inkomen 90% van de voor hen toepasselijke bijstandnorm behouden, alleen op het meerdere mag beslag gelegd worden. In het licht van deze wetgeving roept de groei van voedselbanken vragen op. Als inkomen op het bestaansminimum gegarandeerd wordt, zou broodnood niet hoeven bestaan. Werkt de bescherming die de wet biedt in de praktijk dan niet? Werken voedselbanken niet (onbedoeld) in de hand dat mensen een verkeerd bestedingspatroon handhaven? Is het bestaan van voedselbanken geen koren op de molen van schuldeisers, het biedt ze immers gelegenheid hogere aflossing te vragen dan volgens de wet verantwoord wordt geacht? Hierop is bezinning door voedselbanken gewenst. Een belangrijke vraag is of er oog is voor deze averechtse effecten. Kunnen voedselbanken voorkomen dat ze bijdragen aan het in stand houden van armoede?

 

Crisisinterventie


Deze kritische geluiden doen vermoeden dat er door de schuldhulpverlener negatief tegen voedselbanken wordt aangekeken. Dit is geenszins het geval, in voorkomende gevallen worden cliënten door de schuldhulpverlener ook doorverwezen naar de voedselbank. Aan de andere kant is het de taak van de schuldhulpverlener een situatie te bewerken waarin de wet zijn beschermende werking heeft. Dit werkt 2 kanten op, enerzijds wordt erop toegezien dat schuldeisers zich houden aan de beslagvrije voet, anderzijds worden cliënten ook gedwongen de bestedingen zodanig bij te stellen dat er voldoende geld overblijft om te eten. De ervaring leert ook dat bij een correct gehanteerde beslagvrije voet voldoende overblijft om van te leven. Strikt genomen hoeft er dus tijdens schuldhulpverlening geen beroep meer op de voedselbank gedaan te worden. Dat dit wel gebeurt heeft er alles mee te maken dat zich crisissituaties voordoen. Regelmatig ontvangen schuldhulpverleners aanmeldingen van mensen die in een crisissituatie terecht zijn gekomen. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan dreigende woningontruiming. Vaak kan in dergelijke gevallen alleen nog een regeling worden getroffen waarbij een hogere aflossing wordt gedaan dan waar de verhuurder gezien de wet recht op heeft. Maar wat heb je eraan als huurder in je recht te gaan staan, als dit tot consequentie heeft dat je op straat komt te staan? Ook veel voorkomend is de situatie waarbij iemand werkeloos raakt en daardoor een aanzienlijke inkomensterugval maakt. Als een verhuizing noodzakelijk is om de situatie weer financieel gezond te maken, komen mensen in de knel. Een goedkopere woning is niet snel gevonden en maandelijks is weer de vraag hoe uit het lage inkomen de hoge lasten betaald kunnen worden. In deze en dergelijke gevallen biedt de voedselbank uitkomst. Hier ligt de belangrijkste taak voor voedselbanken, crisisinterventie. Wanneer voedselbanken echter in een crisis hulp bieden maar geen andere disciplines inschakelen, is het gevaar groot dat de crisis niet bezworen wordt. Op korte termijn kan de voedselbank voorzien in de acute nood. Het is echter noodzakelijk dat de schuldhulpverlener snel wordt ingeschakeld. Hij heeft middelen om de crisis verder te stabiliseren en te komen tot een situatie waarin de wettelijke bescherming actief is.

 

Verantwoordelijkheid voedselbank


De insteek die Aboutaleb neemt in het bevorderen van samenwerking verdient alle steun. Door samen te werken met andere hulpverleners kunnen voedselbanken de maatschappij pas echt een dienst bewijzen. In veel gevallen is de voedselbank de eerste instantie die bekend wordt met problematiek in gezinnen. Hiermee ligt er een grote verantwoordelijkheid bij de voedselbanken om mensen te wijzen op andere voorzieningen. Waar dit niet gebeurt, houden voedselbanken het probleem in stand. Laten voedselbanken als stelregel hanteren dat ze pas echt geholpen hebben als ze geen voedselpakket meer hoeven te brengen. In de huidige maatschappij zal er altijd werk zijn voor voedselbanken. Dagelijks komen mensen door financiële problemen in de crisis. Dagelijks ontstaan daarmee een kans voor de voedselbank om in de eerste nood te voorzien. Dagelijks ligt er een uitdaging voor voedselbanken om mensen niet te sussen maar wakker te schudden en te activeren hun problemen in de kern aan te pakken.


J. Van Keulen
Over de auteur:
Consulent/Schuldhulpverlener
 
Advertisement
Template creation and website implementation by One-Company Interactieve Communicatie, Industrieweg 18, 4051 BW Ochten, Nederland. Telefoon: 0344-641040