Het minnelijk traject is voorbij haar houdbaarheidsdatum Afdrukken E-mail
dinsdag 13 juli 2010

Op 24 juni 2010 vond in Nieuwegein het seminar plaats “De toekomst van de WSNP; de WSNP en de toekomst ” (videoverslag). Dit (inmiddels tweede) jaarcongres van de BBW werd georganiseerd in samenwerking met Modus Vivendi bewindvoerdersorganisatie. Een viertal vooraanstaande sprekers kregen tijdens dit seminar een podium om hun visie op de toekomst van de WSNP te geven voor een publiek van overwegend WSNP-bewindvoerders. De tijdspanne waarover zij hun visie gaven liep uiteen van de korte termijn, naar de middellange termijn tot de verre toekomst. Ieder van de sprekers deed dit vanuit zijn eigen expertise en werkzaamheden. Gaandeweg de presentaties bleek de visie op de toekomst niet geponeerd te kunnen worden zonder uitspraken te doen over hoe de situatie nu is en dan vooral ook over de status quo van het minnelijk traject. Daarbij werden diverse tot nadenken stemmende en prikkelende uitspraken gedaan.
Vooraf waren de verwachtingen hoog gespannen en, zo bleek achteraf, niet ten onrechte.

“Weg van oude vijandsbeelden”
Als eerste spreker trad op de heer mr. G.H. Lankhorst. Deze gaf zijn visie op een aantal trends voor de komende vijf jaar (en daar voorbij) en voorziet voor de korte en middellange toekomst een (nog meer) groeiende aandacht van de politiek voor schuldenproblematiek. Daarmee samenhangend ziet hij eveneens een groeiende invloed vanuit Europa, maar ook náár Europa op het gebied van de schuldenproblematiek. De ideeën en ervaringen die in Nederland zijn opgedaan met de WSNP, maar ook met het minnelijk traject, zullen gedeeld gaan worden met de rest van Europa.
Als gevolg van de complexere structuren, zowel in wetgeving als maatschappelijk, voorziet de heer Lankhorst een (noodzakelijkerwijs) toenemend vertrouwen in de professional. Deze zal zich om die reden ook buiten de traditionele kaders van zijn beroep moeten ontwikkelen en zich kennis en kunde eigen moeten maken die deze aansluiting mogelijk maken.
Op de korte termijn voorziet de heer Lankhorst eveneens een kritischer druk naar de overheid toe om de besteding van overheidsgelden te kunnen verantwoorden. De momentele begrotingskrapte zal die druk alleen maar vergroten.
Het is te verwachten dat er een toename zal plaatsvinden van modellen en richtlijnen als gevolg van de toenemende behoefte van burgers zelf hun zaken te regelen en ter hand te nemen.
Al deze factoren tezamen maken dat de behoefte aan samenwerking zal groeien en de behoefte aan (kunnen) vertrouwen eveneens. Dat zal gepaard gaan met afbrokkeling van oude vijandsbeelden.

“De schuldhulpverlening werkt eenvoudigweg niet. Punt.”
De heer von den Hoff begon zijn betoog met een reflectie op de huidige stand van zaken in het land van de schuldenproblematiek. Het minnelijk (schuldhulpverlenings-)traject is even onlosmakelijk verbonden met het wettelijk (WSNP-)traject als communicerende vaten dat onderling zijn. Alleen, dan moet één van die vaten niet verstopt zijn! Dalende slagingspercentages en  stokkende kwaliteit tezamen met een wettelijk kader dat onvoldoende perspectief geeft en toenemende herfinanciering in plaats van schuldbemiddeling; de conclusie is onontkoombaar: “de schuldhulpverlening werk niet”.
De WSNP daarentegen blijkt goed tot uitstekend te werken! Met aanpassingen van de huidige wetgeving zou voor schuldenaren daarom toch soelaas geboden kunnen worden. De bewindvoerders WSNP zijn geëquipeerd voor het regelen van schulden, uitvoeren van moratorium-verzoeken en dwangakkoorden. Zijn financiële, sociale en juridische bagage sluit naadloos aan bij de vereiste kwalificaties om mensen met schulden een beter perspectief te bieden dan de huidige wachttijden in het minnelijk traject.
Het probleem dat de heer von den Hoff daarbij wel ziet is de bewindvoerder WSNP zélf! Hij doet een oproep aan de beroepsgroep tot meer durf en meer zelfreflectie en ontwikkeling. Absolute randvoorwaarde daarbij is de noodzaak van de beroepsgroep zich te ontwikkelen op het gebied van kennis en kwaliteit en vooral door zich (veel beter) te organiseren. Een oproep die de beroepsgroep zich ernstig ter harte moet nemen!

“Het minnelijk traject is voorbij haar houdbaarheidsdatum”
Bij aanvang van zijn voordracht ging hoogleraar Nick Huls kort in op de vorige spreker en concludeerde, hoewel niet zo “somber” als de heer von den Hoff, dat het minnelijk traject inderdaad voorbij haar houdbaarheidsdatum is en dat ook het huidige voorstel van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening daar geen verandering in gaat brengen. Nog minder zal dat zijn bij uitblijven van de mogelijkheid van een minnelijk moratorium.
Daarna schetste Nick Huls in vogelvlucht 25 jaar geschiedenis WSNP en de gevolgen die dat in maatschappelijke zin heeft gehad voor mensen met (problematische) schulden. Sinds het bestaan van de WSNP hebben schuldenaren zich kunnen emanciperen van schuldenaar/slachtoffer naar saniet: “See you in court”. Dat het daarmee nog geen gemakkelijk traject is geworden is duidelijk maar het heeft de schuldenaar zicht op licht aan het eind van de tunnel geboden.
De enorme gevolgen van de WSNP zijn ook op andere vlakken gebleken. Er is een grote schuldenmarkt ontstaan waarin velen hun brood verdienen. De verstrekking van te dure leningen (zowel crediteuren als overheden!) treden daarbij, ook ná de kredietcrisis, op als stuwende factoren. Degenen die daar uiteindelijk de rekening van betalen zijn de klanten en personen die regulier hun verplichtingen nakomen en die in de aangeboden produkten deze schades verdisconteerd zien in de tarieven en rentes.
Wat zullen verder de maatschappelijke ontwikkelingen zijn? Professor Huls voorziet dat gedachten over de toekomst zich zullen bezighouden met vier karakteristieken: Eigenrichting (verboden), wettelijk kader, de schone lei als bonus met een vereiste dat de schuldenaar daar een prijs voor moet betalen, en, tenslotte, de benadering van schulden vanuit zowel incasso als schuldhulp als twee kanten van dezelfde medaille.
De weg die de toekomst zal inslaan zal zich daarvoor richten op drie ontwikkelingen:

  • een fusie tussen schuldhulp en incasso
  • het ontstaan van een nieuwe professie (op HBO-niveau), en tenslotte
  • het ontstaan van een PBO (Publiekrechtelijke Branche Organisatie) voor de hele groep (wat zich nu nog kenmerkt door een scala van versnipperde verenigingen en vertegenwoordigingen)

“Niet vragen waarom dingen gebeuren, maar vragen waarom dingen niét gebeuren”
De vierde spreker was de futuroloog Tony Bosma van extend limits. Met een op de toekomst gesneden multi-mediale presentatie bracht hij deelnemers op overtuigende manier in de toekomst van de 21e eeuw.
In de 21e eeuw zullen consumenten zich anders gaan organiseren. Via (internet-)communities zullen zij vaker en assertiever gezamenlijk optrekken voor beoogde doelstellingen. Communicatie is het kernwoord. Dat betekent dat ook bedrijven (en dus bewindvoerders) zich daarop moeten gaan instellen; daarbij zullen maar twee keuzes zijn: meedoen of buitengesloten worden.
Van de overheid zal ook een andere manier van communiceren gevraagd worden. De overheid zal meer en meer moeten optreden als faciliteerder en participant in plaats van alleen als vertegenwoordigingsorgaan.
De behoefte van herstel naar het oude zal afgewezen worden; het oude bracht immers de problemen die we nu trachten op te lossen! Daarom géén herstel, maar transitie! De grote valkuil voor overheid en organisaties zal zijn dat zij zich onvoldoende bewust zijn van het feit dat het tempo van die veranderingen bij consumenten die er nu zijn niet evolutionair (lees: gestaag) zijn, maar revolutionair. Het verschil in tempo tussen deze twee zal daarom tot een toenemende scheiding leiden.
Naast de veranderingen in het gedrag van de consument en de uitdagingen die dat met zich mee brengt zal er tevens een toenemende (explosieve) verandering in technologie zijn. Deze twee tezamen luiden een nieuwe tijdperk van herindustrialisering vanuit een nieuw bewustzijn. De echte wereld en de virtuele wereld zullen versmelten tot één gecombineerde wereld. De privacy zoals we die tot op heden kennen zal teloor gaan. De digitale connectiviteit veroorzaakt een explosie aan persoonlijke data.
Kortom, we gaan een tijd tegemoet van nieuw consumeren, nieuw communiceren en diginormalisering waarbij iedereen zal zijn aangesloten op een alomvattend netwerk. Voilà, uw toekomst!


Samenvatting
De toekomst die deze vier sprekers tezamen hebben geschetst kan niet anders dan als optimitisch en toch zeer spannend gezien worden. Het is duidelijk dat de toekomst van de WSNP niet los gezien kan worden van de toekomst van het minnelijk traject. Deze “lotsverbondenheid” maakt wel dat ontwikkelingen in het ene traject onlosmakelijk tot ontwikkelingen in het andere traject leiden en vice versa.
Samengevat kan de toekomst van de WSNP, en dus eigenlijk van het hele schuldenproblematische veld, gekenschetst worden als een branche waarin samenwerking en  communicatie de boventoon zullen (moeten gaan) voeren, waarin een nieuwe beroepsgroep zal verrijzen en waarin het minnelijk traject, in ieder geval in haar huidige vorm, niet meer zal bestaan en onderdeel zijn van een speelveld waarin schuldhulp en incasso verschillende verschijningvormen van dezelfde doelstelling zullen (blijken) te zijn.

En voor wie het niet gelooft? Op Youtube is een videoverslag te zien van dit seminar als eerste, hopelijk prikkelende, vingeroefening voor binnentreding in de wereld van communicatie in de 21e eeuw!

En voor wie de ervaring wel delen: Op Youtube is een videoverslag te zien van dit seminar als eerste, hopelijk prikkelende, vingeroefening voor binnentreding in de wereld van communicatie in de 21e eeuw!


I.P. Van Rossen
Over de auteur:

Directeur van Modus Vivendi Wettelijk Traject B.V.

Sinds 1995 actief binnen schuldhulpverlening in minnelijk en wettelijk traject.

 
Advertisement
Template creation and website implementation by One-Company Interactieve Communicatie, Industrieweg 18, 4051 BW Ochten, Nederland. Telefoon: 0344-641040