Nieuwe WSNP: overzicht van twee maanden jurisprudentie Afdrukken E-mail
donderdag 28 februari 2008

 

Bij de invoering van de wetswijziging WSNP per 1 januari 2008 staan de nieuwe dwangmiddelen voor het minnelijk traject in de praktijk centraal. De gerezen onduidelijkheid hieromtrent was voor de Rechtbank Rotterdam aanleiding op 27 november 2007 een informatiebijeenkomst te houden.
Op de meeste vragen die gingen over de wijze waarop de nieuwe artikelen in de praktijk zouden worden toegepast, werd door de Rechtbank geantwoord dat dit pas duidelijk zou worden als er zich een concrete casus ter beoordeling zou aandienen.
De nieuwe regels zijn nu twee maanden van kracht en dit heeft inmiddels geleid tot enige jurisprudentie. Uit deze jurisprudentie proberen we ons een beeld te vormen over de wijze waarop deze regels in de praktijk worden gehanteerd. Dit artikel zal worden afgesloten met enkele verwijzingen naar inmiddels gepubliceerde relevante jurisprudentie.

 

Dwangregeling (art. 287a Fw)

Er zijn twee uitspraken bekend waarbij een verzoek werd gedaan om een dwangregeling op te leggen. Deze uitspraken brengen de werking van het nieuwe wetsartikel niet volledig in beeld. In de dagelijkse praktijk van schuldhulpverlening wordt het bestaan van het artikel in de onderhandelingen over een akkoord ook gebruikt. De ervaring leert dat het noemen van de mogelijkheid om een dwangregeling te verzoeken ertoe leidt dat schuldeisers alsnog vrijwillig instemmen met een minnelijke regeling. De uitspraak van Rechtbank Leeuwarden d.d. 7 februari 2007 bevestigt dit.
Interessant is het vonnis d.d. 22 februari 2008 van de Rechtbank Rotterdam. Dit laat zien dat er met succes een beroep op artikel 287a Fw kan worden gedaan (commentaar hierover op de website van observatrix). Inmiddels is duidelijk dat de verzoeker zich moet voorbereiden op een grondige inhoudelijke behandeling van het verzoek waarbij een zorgvuldige afweging wordt gedaan tussen de belangen van verzoeker en schuldeiser. Vanzelfsprekend is hierbij een goede onderbouwing van het verzoek doorslaggevend.

 

Moratorium (art. 287b Fw)

Dat goede onderbouwing van belang is blijkt ook uit de gewezen vonnissen op moratoriumverzoeken. Rechtbank Maastricht verklaarde ter terechtzitting op 8 januari 2008, een dag voor geplande woningontruiming, een verzoek tot het instellen van een moratorium niet ontvankelijk omdat een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling ontbrak.
Opvallend is dat de meeste verzoeken in het kader van de nieuwe wetgeving verzoeken tot het instellen van een moratorium betreffen. Bijzondere aandacht gaat uit naar het vonnis d.d. 13 februari 2008 van Rechtbank Amsterdam. Hierbij werd het verzoek afgewezen omdat verzoekster in grote mate verwijtbaar werd geacht in het ontstaan van de betalingsachterstand bij de verhuurder. In het jaar voorafgaand aan het verzoek werd verzoekster driemaal veroordeeld vanwege huurachterstand. Na de derde veroordeling besloot ze haar verliesgevende onderneming te beëindigen en een verzoek te doen om schuldhulpverlening.

 

Moratorium of voorlopige voorziening (art. 287 lid 4 Fw)

Er bestaat onduidelijkheid over het praktische verschil tussen een voorlopige voorziening op grond van art. 287 lid 4 Fw en het moratorium, hetgeen in feite een voorlopige voorziening op grond van art. 287 b Fw is. De uitspraak van Rechtbank Arnhem d.d. 14 januari 2008 brengt dit mede voor het voetlicht. Hierbij werd om een moratorium verzocht, maar de Rechtbank behandelde het verzoek terecht als een verzoek om een voorlopige voorziening als bedoeld in art. 287 lid 4 Fw. Een moratorium heeft tot doel de schuldbemiddelaar tijd te bieden voor het onderzoek naar de mogelijkheden van een minnelijk akkoord. In het voorliggende geval stond al vast dat er geen minnelijk akkoord mogelijk was. Een moratorium was daarom niet aan de orde.
De voorlopige voorziening (art. 287 lid 4 Fw) is hier van toepassing omdat het een situatie betreft waarbij al duidelijk is dat er geen minnelijk akkoord kan worden bereikt en een beroep op het wettelijk traject is gedaan.
De verwarring is begrijpelijk omdat ook het moratorium een voorlopige voorziening is. De voorlopige voorziening (art. 287 lid 4 Fw) gaat vooraf aan de behandeling van het verzoek de schuldsaneringsregeling van toepassing te verklaren en heeft ten doel een zekere benodigde periode te overbruggen (art. 284 Fw). Het moratorium is een verzoek teneinde de mogelijkheden van een minnelijke regeling te kunnen onderzoeken danwel de goede trouw bij het ontstaan van de schulden.
Gelukkig wees de rechtbank het bovenstaande verzoek niet op formele gronden af, en is zij tot een inhoudelijke behandeling gekomen van het verzoek ook al was het verzoek kennelijk niet op het juiste wetsartikel gebaseerd.

 

Voorlopige voorziening (art. 287 lid 4 Fw)

Ook de gewezen vonnissen, strekkende tot het verzoek tot het geven van een voorlopige voorziening laten zien dat het belangrijk is dat verzoeker zijn verzoek goed onderbouwt. Bijzondere aandacht gaat uit naar de uitspraak van Rechtbank Rotterdam d.d. 20 februari 2008 waarbij het verzoek tot voorlopige voorziening werd afgewezen.
In casu was de Rechtbank van oordeel dat de verzoeker de spoedeisendheid zelf in de hand heeft gewerkt door niet eerder actie te ondernemen.

 

Overzicht van jurisprudentie

 

Rechtbank: 

Maastricht (08-01-2008; verzoek moratorium niet ontvankelijk; LJN: BC1638)
Arnhem (14-01-2008; toewijzing voorlopige voorziening; LJN: BC2166)
Leeuwarden (21-01-2008; toewijzing moratorium; 86939 SN en 86941 SN)
Leeuwarden (28-01-2008; toewijzing moratorium; 87073 SN/RK 08.40)
Arnhem  (29-01-2008; toewijzing moratorium; LJN: BC3959)
Rotterdam (07-02-2008; afwijzing voorlopige voorziening; LJN: BC4314)
Leeuwarden (07-02-2008; toewijzing dwangregeling; 86588/07.355)
Amsterdam (13-02-2008; afwijzing moratorium; 08.214-R)
Rotterdam (20-02-2008; afwijzing voorlopige voorziening; LJN: BC4972)
Rotterdam (22-02-2008; toewijzing dwangregeling ; LJN: BC5193)

Groningen (28-02-2008; toewijzing moratorium ; LJN: BC6630)

Bronnen: http://www.rechtspraak.nl/ en http://www.wsnp.rvr.org/


J. Van Keulen
Over de auteur:
Consulent/Schuldhulpverlener
 
Advertisement
Template creation and website implementation by One-Company Interactieve Communicatie, Industrieweg 18, 4051 BW Ochten, Nederland. Telefoon: 0344-641040